Je bent hier: Home -> Het boek Rotonde Noordzee -> Fragmenten -> Fragment Nederland

Fragment Nederland


Thuiskomst

Het schuine asfalt van de dijk wil de fiets naar links laten koersen maar de westenwind duwt haar weer naar rechts en zo is er balans. In de verte de haven van Harlingen, de masten van de boten priemen als lucifersstokjes in een lucht vol witte watten. Zojuist zoefde ik over de afsluitdijk. Wind schuin van achteren, blik op oneindig, gedachten die afdwalen naar voorbije fietsweken. Dertig lange kilometers dijk zonder afslagen of mogelijkheden tot verdwalen, ik ben op weg naar huis. Aan het einde van de dijk, daar waar het vaste land van Friesland begint, eet ik het lekkere taartje dat al sinds Den Oever een uurtje geleden, in de stuurtas op mij zit te wachten. Vlak voor Zürich kies ik de buitenkant van de dijk waar de wind pal van opzij komt. Op deze laatste fietsdag wil ik nog een laatste keer de kracht van de elementen voelen. De dichte vette zeewind probeert het stuur naar het oosten te duwen, naar Leeuwarden. Maar tot Harlingen blijf ik stug mijn eigen weg gaan. De wind blaast schuimkoppen op het water, zeilboten hangen gevaarlijk scheef in een grijze zee. Na de stenen man die mij vriendelijk begroet, geef ik de wind gelijk, draai de fiets negentig graden en neem de oude weg naar Franeker. Niet het mooiste parcours, maar wel de kortste weg naar huis.

Dezelfde wind die me elf weken geleden richting noorden blies duwt me nu, na Harlingen, terug naar huis. Over de kaarsrechte weg van Harlingen naar Dronrijp loopt de snelheid op tot boven de 30 km per uur. Er is niets dat mij tegenwerkt. Het was goed om weg te gaan en het is goed om weer naar huis te gaan. Na Dronrijp stokt het tempo. Ik heb het nodig de stad langzaam op me af te laten komen. Over het oude jaagpad langs het water, laat ik me voortduwen door de wind. De trappers draaien langzaam rond. Ik krijg een brok in de keel als plotseling voor mij, na een scherpe bocht, het silhouet van de stad die mij zo vertrouwd is, opdoemt. Elf weken geleden keerde ik haar mijn rug toe, ik fietste door zeven landen, heb alle seizoenen beleefd, heb ontelbare landschappen doorkruist, vele mensen ontmoet, mezelf een beetje beter leren kennen. En nu ben ik bijna terug bij waar het begon. Als ik nog een kilometer verder fiets en het silhouet herkenbare vormen krijgt, zijn het de Oldehove en de toren van Bonnema die mij als eerste liefdevol omarmen.